Terug

Burgemeester Ivo Opstelten: ‘Gehandicaptenbeleid is nooit af’

De gemeente Rotterdam ondersteunt in dit Europees Jaar van mensen met een handicap inhoudelijk en financieel verschillende activiteiten zoals de reizende fototentoonstelling en het Opzoomer Mee stratenproject. Wat is de verdere rol van het college van B&W in het Rotterdamse beleid voor mensen met een handicap? Een gesprek met burgemeester Ivo Opstelten.

Begin dit jaar was de burgemeester betrokken bij het project Drempels Weg. Een maand lang spanden drie regionale ambassadeurs zich in om bedrijven en gemeenten in de provincie Zuid-Holland te wijzen op het belang van een toegankelijke internetsite voor mensen met een handicap. Opstelten installeerde de drie ambassadeurs op het Rotterdamse stadhuis en ondertekende een intentieverklaring om de gemeentelijke site toegankelijk te maken. Een belangrijke zaak vindt hij zelf: ‘Internet is een uitkomst voor mensen met een handicap. Hiermee kunnen ze hun leven zelfstandiger inrichten. Voor blinden is het een sneller hulpmiddel dan de braillebibliotheken. Doven en slechthorenden hebben geen tolk nodig als ze via internet communiceren.’

Hij volgt de activiteiten in dit Europees Jaar binnen het college van B&W. Iedere wethouder vult zijn bijdrage eraan in binnen zijn/haar portefeuille. Voorop staat wat Opstelten betreft de ‘keuzevrijheid van ieder individu en de erkenning van/respect voor verschillen tussen mensen.’ Dit zijn volgens hem belangrijke voorwaarden om samen te leven.  

Op de vraag of de gemeente Rotterdam voldoende onderneemt in het gehandicaptenbeleid, niet alleen dit jaar maar ook in zijn algemeen, antwoordt de burgemeester als volgt. ‘Er kan altijd meer. Niet alles kan tegelijkertijd. Kwaliteit is in deze ook heel belangrijk.’ De gemeente streeft een integraal beleid na waarin wordt meegenomen dat niet iedereen gelijke fysieke mogelijkheden heeft, maar waarin duidelijk tot uiting komt dat mensen met een handicap een onderdeel van de samenleving in zijn geheel zijn en daaraan ook deel moeten kunnen nemen.

Toegankelijkheid

De gemeente neemt de openbare toegankelijkheid voor gehandicapten serieus. Onlangs is er aan de buitenkant van het politiebureau aan het Doelwater een lift aangebracht zodat mensen met een handicap gemakkelijk naar binnen kunnen om aangifte te doen. Ook bij de bouw van bijvoorbeeld een nieuwe school wordt het toegankelijkheidsvraagstuk meegenomen. Het is sowieso vanuit de wet verplicht bij nieuwbouw te letten op de toegankelijkheid.

Sinds kort rijden in Rotterdam nieuwe rolstoeltoegankelijke trams. Burgemeester Opstelten nam op maandag 25 augustus het eerste exemplaar in gebruik. ‘Ze rijden heel lekker en zijn goed toegankelijk. Geleidelijk aan worden alle trams rolstoeltoegankelijk, maar dat duurt nog een flink aantal jaren, wat uiteraard met geld te maken heeft. Het zijn dure dingetjes.’

Financiën spelen natuurlijk een rol bij elke beslissing die de gemeente neemt. Volgens hem is duidelijk dat niet alles tegelijk kan. ‘Je moet keuzes maken. Er zijn nooit genoeg middelen en je bent nooit tevreden. Aan de andere kant, het goedkoopste is niet altijd het meest doeltreffende. Mijn uitgangspunt is: samen waar het kan, aangepast waar het moet.‘

VN-regels

De VN hebben in 1994 standaardregels aangenomen voor gelijke kansen van mensen met een handicap in de maatschappij. Sommige Nederlandse gemeenten, bijvoorbeeld Nijmegen en Nieuwegein, hebben deze officieel opgenomen in hun beleid. Volgens Opstelten zijn deze regels al uitgangspunt bij het Rotterdamse beleid. Officieel is dat echter nooit vastgelegd. Hij belooft erachteraan te gaan dit alsnog te laten gebeuren in het college. ‘Het is goed extra aandacht voor gehandicapten te vragen. Ik zie geen problemen de VN-regels officieel op te nemen in het Rotterdamse beleid.’              

Copyright: Johan Peters/MEE Rotterdam, september 2003